Beeldplaten

Tot de verzameling behoren ook een aantal beeldplatenspelers uit de jaren 70 en 80. Beeldplaten zijn in Europa eigenlijk nooit echt populair geweest. In de USA en Japan waren ze veel populairder. Dit is deels te danken aan het feit dat per Europees land de platen voorzien moesten worden van ondertitels. In de Duitssprekende landen was de markt al iets groter omdat daar altijd nagesynchroniseerd werd.


De historie:

1973 ontwikkeling van de beeldplaat door Philips met een Laser
1974 Telefunken brengt een beeldplatenspeler uit, werkend met een naaldje
1977 Toepassingen worden bedacht voor de Laeervision beeldplaten van Philips, Sony heeft ze ook gebruikt
1980 RCA/Hitachi brengt het CED systeem op de markt, beeldplaten die met een naaldmechanisme wordt afgetast
1988 herintroductie van de verbeterde Laservision beeldplaten. de platen worden goudkleurig en hebben CD kwaliteit
1990 De VCD standaard wordt geÔntroduceerd en maakt gebruik van een MPEG stream (was zeer kort populair) Wordt nu nog veel in AziŽ gebruikt als DVD alternatief
1997 Introductie DVD in de USA
1998 Introductie van de DVD in Europa


 
 

Telefunken systeem 

Dit apparaat dateert uit 1974. De plaatjes hebben een speelduur van max. 20 minuten in kleur. Het flexibele plaatje doet denken aan een "singletje" en zit in een kartonnen hoes. De kwaliteit is redelijk, het oplossend vermogen is erg laag maar acceptabel voor die tijd. Bovenstaande speler is afkomstig uit Duitsland waar het jarenlang in een ziekenhuis dienst heeft gedaan als informatiebron voor het ontstaan van het menselijk leven. Een zeer apart apparaat. Als de opname meerdere keren is afgespeeld dan is de slijtage zichtbaar in het beeld. Het beeld gaat dans schokken en  trillen en er treedt ruis op. Na de introductie was al snel duidelijk dat het apparaat niet voldeed, Telefunken heeft de hele productie teruggenomen.


 
 

 


Hier wordt weergegeven hoe de naald de groef aftast. Het systeem is eigenlijk vergelijkbaar met dat van RCA/Hitachi.
 

 

 

 

 

 

 

 

 

Een andere voorstelling.



Deze afbeelding dateert uit 1970 en is een experimentele opstelling. kijk hoe de flexibele platen tangentiaal worden afgetast.


 

Hitachi CED systeem

Hitachi introduceerde omstreeks 1980 een aantal beeldplatenspelers gebaseerd op een capacitief systeem, RCA was verantwoordelijk voor de ontwikkeling ervan. Een diamantnaaldje tast een plaat af met groeven, in de groef zijn plekjes met capacitieve waarden aangebracht. Met dit systeem was het zelfs ook nog mogelijk stereo informatie op de plaat te zetten. De plaat was dubbelzijdig en zit in een hard plastic cassette. Als de cassette bijna in zijn geheel in het apparaat verdwijnt dan slikt de speler de plaat in. De cassette wordt daarna verwijderd uit de speler, de plaat blijft in het apparaat. Zodra de opname is afgelopen doe je de cassette weer in het apparaat waarbij de flexibele plaat weer in de cassette wordt gedaan. De beeldkwaliteit is erg goed, beter dan VHS. Zodra er een beschadiging of stofje op het oppervlak van de plaat bevindt is dit hoorbaar/zichtbaar zoals bij een normale grammofoonplaat. Met name in de USA en in de UK is dit apparaat populair geweest. In Nederland is het nooit officieel op de mark geweest. Op het apparaat zijn toetsen aangebracht voor het versneld door- en terug spoelen van het beeld. Sommige modellen kunnen ook Stereo opnamen weergeven, een afstandbediening is optioneel.

Een andere Hitachi variant.
 

Philips Laservision 



In 1977 een artikel over de Magnafox (is Philips in de VS) over de VLP700.


De professionele versie.

In deze versie was een microcomputer uitgevoerd welke de speler kon aansturen met speciale opdrachten. In combinatie met de microcomputer was ook het aanmaken van teletekst pagina's mogelijk. De computer heeft verdacht veel overeenkomsten met de P2000 microcomputer van Philips.

De werking is als volgt. In het midden (onderin) was ruimte voor een ROM cassette met de posities van de beelden van de bijbehorende beeldplaat. Als de teletekst functie op het tv toestel werd geactiveerd, dan was het mogelijk om posities van de plaat waarom bijbehorende informatie behoort worden ingegeven met de afstandsbediening. Van bovenstaand model heb ik twee testplaten met bijbehorende ROM cassettes. Het werk nog prima. Helaas raakt het optiekstelsel van dit apparaat slechter naarmate hij ouder wordt, ook de laser wordt na enige tijd minder intens of diffuser.


De VLP700 consumenten versie.

Philips begon in 1974 officieel met een laser beeldplatenspeler. Pas in het begin van de tachtiger jaren was de techniek verbeterd voor veelvuldig gebruik van dit medium met name de productie van de schijven was goedkoper geworden. De kwaliteit is uitstekend, vergelijkbaar met super VHS. Het geluidsspoor was analoog zodat voor echte professionele doeleinden dit apparaat niet geschikt was vanwege de achtergrond ruis.

In 1988 werd de Laservision opgevolgd of geherintroduceerd door de CD-Video met een halfgeleider laser in plaats van een full size Helium Neon laser (erg indrukwekkend). Dit apparaat (de CDV475)  had wél digitaal geluid. Echt populair is zijn beide systemen niet geweest in Europa, in de AziŽ is CD Video (MPEG1) en Super VCD (MPEG2) nog populair omdat er geen rechten hoeven te worden betaald aan de ontwikkelaars van het systeem, de DVD gaat daar uiteindelijk wel een einde aan maken. De basis van DVD is ook MPEG2.
 






Hier alle bestaande formaten op een rij. CD Video is te herkennen aan zijn gouden kleur. Laser Vision platen zijn zilverkleurig.
 

Home